Perifeer infuus plaatsen kind (Pediatrie)

Materiaal

  • Naaldcontainer
  • Alcoholisch ontsmettingsmiddel
  • Niet-steriele handschoenen
  • Ontsmettingsdoekjes
  • Beschermdoekje
  • Afbindsnoer (grotere kinderen)
  • IV katheter kind
  • Extentieset
  • Fixatiemateriaal kind (pleister + PH-haft/zwachtel)
  • Eventueel pijnstillend middel volgens voorschrift
  • Materiaal voorbereiding

Voorbereiding

Uitvoering

Je doet deze handeling NOOIT op de kamer van het kind, maar in een aparte behandelkamer.

Zie film

Plaatsbepaling:

Je neemt voldoende tijd om volgende mogelijke veneuze punctieplaatsen zowel links als rechts grondig te evalueren:

Handrug

Onderarm

Voetrug

Bij baby’s: hoofdje, CAVE! Grondig voelen of de ader die je wil aanprikken arterieel is of veneus.  Dit doe je dmv uitoefenen van lichte druk op de ader en voelen of deze klopt of niet.

Je opent de verpakking van de IV katheter en verwijdert de beschermhuls;

Je past pijnbeleid toe volgens procedure: denk hierbij aan (niet-)medicamenteuze pijnondersteuning.

Je fixeert het kind via therapeutische omarming (2e persoon);

Je legt het afbindsnoer aan of laat de 2de verpleegkundige stuwen;

Je trekt niet steriele handschoenen aan;

Je ontsmet de punctieplaats;

Je trekt de huid strak en verwittig voor de prik.

Je brengt de naald in onder een hoek van 15° tot 30° met de opening naar boven. Is er bloed zichtbaar in de bloedterugloopkamer van de katheter dan wordt de katheter voorzichtig over de naald opgeschoven.

 Je zorgt dat je de katheter goed fixeert!

Je maakt de knelband los of stopt met stuwen zodra de katheter volledig geplaatst is.

Je steekt een steriel kompres onder de katheter(naald)

Je duwt de ader af, verwijdert de naald en werpt deze in de naaldcontainer.

Je verwijdert het beschermtopje van de extensieset en koppelt op de katheter aan.

Je opent de rolregelklem en controleert het insteekpunt op zwelling.

Je reinigt de prikplaats zo nodigt met steriele kompressen.

Je bevestigt de katheter dmv het katheterverband .

Je legt een tractielus  en ook een PH-haft aan.

Je controleert de bloedterugvloei.

Je regelt de inloopsnelheid en hangt het infuus op de juiste hoogte

Je beloont het kind voor zijn medewerking.

Nazorg

Bronnen